Een nieuw blog


Blog van kinderboekenschrijfster Netty van Kaathoven. Zoek je informatie over een van mijn boeken klik dan rechts op het juiste label en je krijgt de selectie die je zoekt.
Blogs over enkele reizen van me vind je ook door op het juiste label rechts te klikken.
Wil je me ergens over benaderen mail dan naar zjors#casema.nl en vervang daarin de # door een @
Posts tonen met het label AVI-tips. Alle posts tonen
Posts tonen met het label AVI-tips. Alle posts tonen

vrijdag 6 november 2015

Exit AVI

Een flink aantal jaren geleden (6 of 7?) schreef ik een online AVI-cursus. Het hele AVI-systeem (het systeem waarmee leesboeken voor beginnende lezers gelabeld worden) ging op de schop en iedereen tastte in het duister hoe een goed AVI-verhaal geschreven moest worden.
De cursus werd aangeboden via Schrijven Online en was/is de enige cursus in het Nederlandse taalgebied waar de teksten ook doorgemeten mogen worden met het CITO-meetsysteem P-Clib.
Tientallen cursisten leerde ik het kunstje en de dapperen onder hen (want het is echt een klus!) hebben vrijwel allemaal een of meer AVI-titels op hun naam staan.

Maar het wordt tijd voor me om me te richten op nieuwe uitdagingen, ik ben geen mens voor jarenlang hetzelfde.
Dus zocht en vond ik een opvolgster.
Bianca Mastenbroek, ooit een enthousiaste cursiste, werkte voortvarend aan haar schrijfcarrière en aan haar coachingsvaardigheden. Ze publiceerde inmiddels heel wat AVI-boeken, naast haar veel geroemde historische en fantasy-boeken.
Zij neemt op 1 januari het stokje van me over. Dus wie nog per se bij mij 'op les' wil moet snel beslissen, maar Bianca is minstens even goed, dus je hoeft je echt niet te haasten.

Veel succes, Bianca!

(Op het plaatje mijn eerste samenleesboek waar ik nog steeds warme herinneringen aan heb)

dinsdag 7 juli 2015

Dat moet toch simpel zijn

Het schrijven van een AVI-boek, hoe simpel kan het leven zijn. Zo redeneert een deel van de bevolking. Makkelijke woordjes, korte zinnen en hoppa, daar staat je verhaal dat ook nog eens maar 48 of zelfs 36 pagina's telt.
Moet het nu altijd zo saai, vraagt een deel van de ouders zich af als ze een kind zien worstelen met een supersimpel verhaaltje.

Ik kan je verzekeren: het schrijven van een goed AVI-boek is niet simpel. En het verhaal hoort niet simpel te zijn. Het verhaal hoort te boeien, spannend te zijn of humoristisch, zodat een kind gemotiveerd wordt om door te lezen en alles te beheersen zodat het van nog meer verhalen kan smullen.

Qua techniek vergelijk ik het schrijven van een AVI-boek met het werk van een timmerman die een konijnenhok moet timmeren, maar alleen wat knoestig hout, wat kromme spijkers en een verroeste hamer mag gebruiken. Met wat creativiteit wordt het toch een prachtig hok!
Onze taal heeft mooie woorden en mooie gereedschappen om belevenissen te verklanken, maar veel van dat alles mag niet worden gebruikt op de lage leesniveaus. En op de hoge niveaus moet je juist allerlei trucages (geen trucs, dat woord is weer te kort) gaan aanwenden (niet 'gebruiken' want dat woord is te simpel) om een hoogstaand en toch verantwoord kinderverhaal te schrijven.

Het lijkt zo simpel en daarom ambiëren veel mensen het. Ik krijg bij mijn internetcursus veel meer cursisten aangemeld dan er schrijvers nodig zijn bij de (educatieve) uitgeverijen. Dat is een lastig dilemma, soms overweeg ik de cursus tijdelijk stop te zetten om te voorkomen dat de ex-cursisten elkaar te veel gaan beconcurreren.
Maar 'gelukkig' selecteert de groep zichzelf ook aardig uit. Het is verdraaid lastig als beginnend schrijver om op een juist niveau uit te komen als je niet zelf beschikt over het meetinstrument dat CITO niet publiekelijk ter beschikking stelt. Veel cursisten krijgen dan ook hun huiswerk van me retour met de vraag of ze het verhaal kunnen versimpelen (meestal) of juist moeilijker willen maken. Soms gaat het zelfs twee keer retour.
Enkele cursisten hebben dat aan hun eigen onzorgvuldig lezen te danken. Woorden als 'politie' en 'lucifer' en 'chocola' moet je gewoon nog niet gebruiken op M4. Doe je dat wel meermaals dan slaat de meter uit. Maar ook gebeurt het dat er ogenschijnlijk geen lastige woorden in de tekst staan en het niveau toch te hoog is. Dan is er te veel gevarieerd in de tekst. Hij moet dus saaier worden. Bromt hij, zucht zij, klaagt oma, dreigt opa, wordt dan allemaal een variant van 'zei hij'. Dat zijn de minst kwalijke ingrepen, want je leest over die toevoegingen, als ze maar saai genoeg zijn, gewoon heen.

Diverse cursisten halen de eindstreep van de cursus niet. Omdat ze het puzzelen toch minder leuk vinden dan gedacht. Omdat ze de beperkingen te lastig vinden. Omdat ze dachten dat het zo simpel was en nu moeten ze steeds weer hun tekst herschrijven. Omdat ze het oprecht geprobeerd hebben, maar het toch niet in de vingers krijgen. De doorwrochte puzzelaars halen de eindstreep en boeken vaak zelfs nog wat extra begeleiding in bij me. Zij werken snel door en racen, met alle herhalingen die ze moeten doen en waar ze niet over klagen, door de cursus heen. En veel van de cursisten die echte doorzetters bleken te zijn, hebben inmiddels een publicatie op hun naam staan. Die komen er wel. Ondanks het vele herschrijven dat de uitgever van ze verlangt. Ondanks dat het niet simpel is.

Op de plaatjes een paar boeken van die doorzetters. Zonder de andere ex-cursisten te kort te willen doen, het zijn te veel publicaties om in een bericht te verwerken.
Geïnteresseerde uitgevers kunnen me overigens ook altijd tips vragen als ze nog een goede afgestudeerde schrijver zoeken voor een nieuw boek. Gelukkig gebeurt dat al regelmatig, zodat ook degenen die nog geen publicatie op hun naam hebben staan onder de aandacht worden gebracht.

Meer AVI-tips lezen? Klik hier.

dinsdag 19 november 2013

AVI-tips 4

( Zoek je AVI-tip 1 t/m 3 klik dan rechts in de lijst met labels op AVI-tips.)

Wat te doen als je tekst te simpel is?


Een laag AVI-niveau eist flink schrappen in je woordgebruik. Je taal wordt er saai en simpel van en toch kan je verhaal boeiend en vlot zijn.
Vrijwel net zo moeilijk is het om een hoog niveau te halen zonder zinnen te gebruiken die kinderen niets zeggen omdat er allemaal woorden in staan die ze technisch wel kunnen lezen, maar onbegrijpelijk zijn. Wat moet je als tienjarige met een woord als 'niettegenstaande'? Weggooien dat boek dat vol staat met dat soort woorden om maar op niveau M7 of hoger te komen. Daar krijg je geen leesplezier van.
Hoe kan het dan wel?

Er zijn slechts twee variabelen die de hoogte van je AVI-niveau bepalen:
1. De gemiddelde woordlengte. Een hoog AVI-niveau heeft veel lange woorden nodig en weinig korte woorden. Het scheelt als je korte stopwoordjes zoals nu en al en wel en heel schrapt. En verder vervang je zoveel mogelijk korte woorden door langere synoniemen.
2. Het percentage hoogfrequente woorden. Hoe meer ongebruikelijke woorden je in je tekst plaatst, hoe lager het percentage hoogfrequente woorden en hoe hoger je AVI-score.

Een voorbeeld:

Snel pakt ze twee broodjes uit de kast, drinkt wat melk zo uit het pak, stopt een zak chips, twee appels en een fles drinken in haar tas en verdwijnt.

Deze zin levert een laag AVI-niveau op want hij bestaat uit korte woorden die ook nog eens redelijk gebruikelijk zijn.
Dus daar maak je van:

Snel grist ze twee krentenbollen uit de voorraadkast, drinkt wat karnemelk uit het opengescheurde pak, stopt een familiezak paprikachips, drie bananen en een fles frisdrank in haar rugzak en verdwijnt.
 
Je zegt bijna hetzelfde, maar met veel moeilijkere tekst. Ik zeg 'bijna' omdat je bij de tweede zin toch een wat ander beeld van de hoofdpersoon krijgt. Alleen al omdat ze 'grist' in plaats van 'pakt'. En omdat ze een rugzak heeft in plaats van een tas. Dat verschil in beleving, daar moet je je dan wel bewust van blijven.
Maar zo simpel is het dus om moeilijk te doen!
 
Kun je bovenstaande zin nog veel mooier opleuken, laat dan een reactie achter :-)

vrijdag 27 januari 2012

AVI-tips 3

Als je een AVI-boek gaat schrijven, bedenk dan voor je begint hoe je je onderwerp kunt laten aansluiten bij het leesniveau. Kies een onderwerp en schrijf daarvan alle kernwoorden op. Woorden die je in ieder geval zou willen of moeten gebruiken om het een boeiend verhaal te laten zijn. Ik zag eens iemand struikelen in een verhaal waarin zij haar hoofdpersoon met een brandweerwagen mee wilde laten gaan naar een uitslaande brand die was veroorzaakt door zijn vriendjes. Het was een makkelijklezenboek, bedoeld voor negenjarigen. Een spannend item, maar helaas kon zij in E3 niet echt uit de voeten met woorden als 'brandweerman, brandweerwagen, uitslaande, ladderwagen en kazerne'. En die woorden zijn ook niet goed te vervangen door een korter woord dat hetzelfde uitdrukt. Beter dus om een ander onderwerp te kiezen in dit geval.
Mocht je juist een hoog AVI-niveau moeten schrijven - en geloof me, vanaf niveau M7 wordt het echt ingewikkeld om nog een leesbaar verhaal te produceren - kies dan liefst voor een onderwerp met moeilijke of lange woorden. Deze brand bijvoorbeeld met zijn 'allesvernietigende' vlammen. Dan hoef je de rest van de zin niet zo ingewikkeld meer te maken. Dus geen verhaal over een hond en een kat, maar een over een Yorkshire terriër en een Amerikaanse stompstaartkat (heus die bestaat). Geen verhaal over een doorsnee auto, maar over een Lamborghini. En laat je verhaal zich niet afspelen op zondag, maar op een donderdagochtend. Dat is een lekker lang woord dat niet algemeen is. Telt dus lekker mee.
Kortom: stel vooraf een lijstje op met kernwoorden en controleer of ze passen bij je leesniveau.

Iemand die dat trouwens prima begrepen heeft is Monique Berndes, die de AVI-cursus van Schrijven Online bij me volgde. Het afgebeelde plaatje is van haar M4-boek Luna en de kikker dat binnenkort verschijnt bij uitgeverij De Vier Windstreken.

zaterdag 14 januari 2012

AVI-tips 2

We hebben een mailer! Bianca Mastenbroek vraagt zich in een antwoord op AVI-tips 1 af:
Ik kan wel vinden op welk niveau je trema's mag gebruiken, maar niet wanneer een accent aigu, zoals in het toch wel veelgebruikte woord: één. Ik hoorde van mijn vriendin dat haar zoontje van zes, die echt als een speer leest (E4 en hoger), daar nog wel moeite mee heeft.

Ja, dat kon ik verwachten. Als Bianca een AVI-vraag heeft, moet het wel een moeilijke zijn, want ze is zelf al een bedreven AVI-schrijfster (zie de afbeelding bij deze Tip van haar boek dat binnenkort verschijnt.)
Allereerst het veelgebruikte één . Ik schreef onlangs een paardenboek waarin ik het woord veelvuldig gebruikte (zoals in 'een voor een') dat vakkundig geredigeerd werd, en daarna kwam het woordje één er niet meer in voor. In alle gevallen waarin ik het gebruikte wist de redacteur mij ervan te overtuigen dat ik het foutief gebruikte. Ik denk dan nu ook dat het woord een veel vaker zonder accenten moet dan we denken.

Maar wanneer 'mag' het nou?
Ik maak nog een omtrekkende beweging om te verhullen dat ik het antwoord moeilijk vind. De lijst met tekstkenmerken die AVI-schrijvers van hun uitgever krijgen is niet meer dan een lijst om je naar te richten. Het is geen AVI-wetlijst. Dus er mag best af en toe van afgeweken worden. Ik zie soms dan ook woorden in boekjes met een laag AVI-niveau waarvan ik denk: dat zou ik nog niet doen. Maar die boeken kregen wel het gewenste keurmerk.
Zeker als je het hebt over het aanvankelijk lezen (tot en met niveau M4) vind ik dat je voorzichtig moet zijn met 'smokkelen'. Maar 'wetten' zijn er dus niet.

Maar wat nu te doen met kenmerken die niet in de lijst beschreven zijn? Zoals dit accentteken.
Daar komt het denk ik neer op handelen met 'gezond verstand'.

Bij M5 komt in de zinnen de ' voor, zoals in 's morgens of in pagina's.
Je zou kunnen verdedigen dat vanaf dat niveau lezers er blijkbaar aan moeten wennen dat er soms ineens tekens in je zin staan en dat een teken iets aanvullends zegt over de letter waar het voor of boven staat. Daarmee zou je kunnen verdedigen dat je er ook een accentteken in mag gooien. Eventueel ook in een woord als café, dat als hoogfrequent leenwoord te verdedigen is. (Die mogen al vanaf E4.)
Ik vind dat verdedigbaar, maar zou er zelf wel voorzichtig mee zijn. Ik zou het vermijden waar het niet echt noodzakelijk is. En vaak valt het prima te omzeilen.

Als we naar het zoontje van Bianca's vriendin luisteren en nog eens verder snuffelen in de kenmerken zien we dat het trema zoals in knieën pas vanaf M6 'mag'. Dat is twee leesniveau's hoger. Je zou ook kunnen verdedigen dat een accent op een letter net zo ingewikkeld is als een trema (ook een uitspraakteken) dat je dan ook bij een lager niveau dan M6 niet of spaarzaam zou moeten gebruiken. Vanaf M6 mogen ook de niet-frequente leenwoorden en daarin zien we dat vaker een accent aigu of accent grave (de streepjes op letters naar rechts of naar links) nodig is.
Dus als je het echt 'veilig' wilt doen, vermijd dan de accenten tot niveau M6, zou ik zeggen.

Mocht iemand een andere mening hebben en die kunnen motiveren in een antwoord hieronder, dan stel ik mijn mening met plezier bij :-)
En natuurlijk mogen vragen ook altijd nog.

donderdag 12 januari 2012

AVI-tips-1

Als kinderen leren lezen krijgen ze boeken voorgeschoteld volgens het AVI-systeem. Zo kunnen ze makkelijk boeken kiezen die op hun leesniveau liggen.
Gekscherend noemen schrijvers AVI voluit 'Afkorting Voor Iets', omdat de echte naam' Analyse van Individualiseringsvormen' lastig te onthouden is.
Het schrijven van AVI-boeken is arbeidsintensief en erg leuk als je van puzzelen houdt. Vooral de lage niveaus geven nogal eens problemen omdat heel veel lettercombinaties of woorden met meer lettergrepen nog niet 'mogen'.
Om het schrijven van AVI-teksten onder de knie te krijgen ontwikkelde ik een online cursus voor de Schrijven Online Academie AVI-cursus . Op dit blog zal ik af en toe tips plaatsen voor AVI-schrijvers die het puzzelen makkelijker maken.

Tip 1:
Laat de illustrator het werk doen. Sommige woorden mogen nog niet gebruikt worden, terwijl je er in je verhaal echt niet omheen kunt. Je kunt er dan voor kiezen om uit te (laten) beelden wat je niet mag schrijven. Een mooi voorbeeld zag ik in het boek 'op zoek naar een broer' van Pieter van Oudheusden (tekst) Stijn Claes (beeld). Pieter wilde Guusje achter de computer laten werken. Maar 'computer' mocht als lastig Engels leenwoord niet. Dus tekende Stijn een vader achter de computer en schreef Pieter: 'hoi pap', zegt guusje. 'schuif eens op. nu ben ik.' Waarna Guusje gewoon achter de computer kon worden afgebeeld.

Zelf deed ik iets dergelijks bij mijn boek 'De skoet van oma'. Ik verzon een verhaal over twee kinderen die een staande schemerlamp wilden bevestigen op de scootmobiel van oma. Maar wat te doen met dat lastige woord 'scootmobiel'. Ik noemde het een 'skoet'. Een makkelijk te lezen woord, maar wat moet een kind er zich bij voorstellen? Dus er kwam meteen een tekening bij van een scootmobiel en ook op de cover kwam vanwege de titel met het woord skoet een duidelijke scootmobiel te staan. Daarmee was het woord voor elk kind duidelijk. Stiekem hoop ik ook nog altijd dat het een gangbaar Nederlands woord wordt voor het vreselijke Engelse woord 'scootmobiel'.

Heb je een boeiende vraag over AVI-schrijven dan kun je die ook hier in een reactie achterlaten. Als ik denk dat het antwoord voor meerdere mensen interessant is, schrijf ik er een tip-blogje over. Maar helaas, alleen ik zit in de jury van de beoordeling van de vragen, dus misschien laat ik af en toe een vraagje links liggen. In dat geval moet je misschien gewoon even mijn hele cursus volgen. :-)