Een nieuw blog


Blog van kinderboekenschrijfster Netty van Kaathoven. Zoek je informatie over een van mijn boeken klik dan rechts op het juiste label en je krijgt de selectie die je zoekt.
Blogs over enkele reizen van me vind je ook door op het juiste label rechts te klikken.
Wil je me ergens over benaderen mail dan naar zjors#casema.nl en vervang daarin de # door een @

maandag 7 januari 2019

Laos/Cambodja 6 - De kinderen

Aan de kinderen leest men de toekomst af, zegt men. Volgens mij zit het dan met de toekomst van deze landen wel goed. Ik was verrast door de vreugde en de opgewektheid van de kinderen. Zie je in Nederland nogal eens lastige of zeurderige kinderen in het straatbeeld, daar zag ik ze niet. Ze hebben niks en zijn blij met alles. Met een toerist die even naar ze zwaait, met een poes die zich laat aaien, met een stuk ananas dat ze krijgen van hun moeder. Ze nemen deel aan het leven van de volwassenen. Zitten uren stil tussen de koopwaar van hun moeder, vallen in slaap achter de kraam, bemensen de kraam zelfs al op vijfjarige leeftijd als mama even weg moet. Mogen mee met papa voor op de scooter, slapen op de bank in de hal als papa nachtwacht is in het hotel.
En gaan naar school, een paar uur per dag.
En zonder uitzondering zijn ze blij en vrolijk of op zijn minst heel tevreden naar de wereld om hen heen. Ik heb er niet een horen huilen, niet een horen zeuren. Hoe het mogelijk is? Ik weet het niet. Misschien omdat hun hoofd niet vol zit met dingen die ze moeten?
Ik word er wel blij van om dat te zien.












Laos/Cambodja 5 - Afvalbeleid

Laos is een heel arm land. Maar ondanks dat zien de huizen en hutjes er leefbaar uit. De dorpen en de wegen zijn schoon, maar er is veel kapot. Dat kan ook niet anders als geld ontbreekt.
Hoe anders is dat in Cambodja. Meteen over de grens viel het ons al op: wat een rotzooi langs de weg. Overal plastic. Al het andere afval wordt wel opgegeten door alles wat er scharrelt en voedsel zoekt. Kippen, varkens, buffels. Maar plastic lust niemand.
Het afvalbeleid lijkt te bestaan uit een regel: Gooi het daar neer waar het ontstaan is.
In onze bus werd het afval netjes verzameld in een mand. Als de bus stopte en wij onze hielen lichtten kreeg de busboy opdracht de inhoud daarvan achter de struiken te kieperen of in de rivier. We ondernamen nog een poging om de chauffeur duidelijk te maken dat we dat niet waardeerden, dat hij het ook in kon leveren bij ons hotel, of dat we dat zelf wel zouden doen, maar hij keek ons alleen maar glazig aan. Later begrepen we waarom. In het hotel wordt het afval ook gewoon via de bovenramen of via de voordeur in zakken op straat geflikkerd. Elke dag is het dus in steden als Phnom Penh een grote stinkende massa op straat, die dan in de nacht wordt opgehaald, Tegen de tijd dat wij 's morgens vertrokken lagen de eerste zakken er alweer. Zeker in de buurt van markten lagen er bergen die niet te overzien waren. Katten en honden halen er nog al het bruikbaars uit. Ratten zag ik er nooit. Misschien worden die ook wel gevangen en opgegeten. Ik heb het idee dat de gemiddelde Cambodjaan sinds de hongeroorlog alles eet. Krekels, kikkers, spinnen, torren, vogeltjes, noem het maar op.
Bij de Floating Village zagen we dat de mensen alle afval gewoon onder hun huis op hoge palen dumpten. Zodra het regenseizoen begint spoelt dat dan allemaal de Mekong in. Opgeruimd! Op weg naar de plastic soep in zee.
Wat dit 'afvalbeleid' veroorzaakt, ik weet het niet. Is het de moedeloosheid om je eigen omgeving nog schoon te houden als je druk bent met overleven? Is het laksigheid? Weten ze niet waar ze met het vuilnis heen moeten? Zijn de kosten van opruimen te hoog? Betekent opruimen alleen dat het elders op een hoop wordt neergegooid? Ik weet alleen dat ze wat dat betreft veel kunnen leren van de Laotianen.



Laos/Cambodja 4 - Bedelaars

Net over de grens in Cambodja kwam ik de eerste bedelaar tegen. In Laos werd er nergens gebedeld, ik heb begrepen dat dat daar bij wet verboden is. En aangezien het een communistisch land is, houdt eenieder zich daar ook graag aan de wet.
We pauzeerden bij een soort wegrestaurant dat die naam niet verdiende. Het was er smerig en het eten was vies. De meeste groepsleden vertrokken met een bootje om naar de Irrawaddydolfijnen op zoek te gaan. Ik zag de dolfijnen door de opening in de muur van het restaurant al spelen in de Mekong, dus ik besloot mijn tijd anders te besteden. Ik wandelde door het dorpje, dat enkel bestond uit een paar huisjes op palen langs de doorgaande stofweg waar de huizen regelmatig uit het zicht verdwenen.






(Hetzelfde huis als hierboven, maar nadat er een auto passeerde.)



Een bedelaar kwam me tegemoet. Opdringerig stak hij zijn hand naar me uit. Inmiddels ben ik in veel landen geweest waar gebedeld wordt uit oneigenlijk oogpunt, vaak is het er zelfs verboden om bedelaars iets te geven. In Roemenië bijvoorbeeld. Daar stonden borden met vrij vertaald: 'Geef de bedelaars niets. Wij geven ze werk, maar dat weigeren ze als ze van u gratis geld krijgen.'
Dit leek me een gezonde man die nog in de kracht van zijn leven was, ik schatte hem een jaar of vijftig, dus ik sloeg geen acht op hem, keek hem ook niet echt aan, en liep door.
Na een tijdje keerde ik om, en daar liep hij me weer tegemoet, hij was ook omgekeerd blijkbaar bij de nu lege parkeerplaats bij het restaurant. Toen hij me in het vizier kreeg liep hij recht op me af, pakte me bij beide bovenarmen vast en met een blik van wilde waanzin in zijn ogen schudde hij me door elkaar en eiste hij iets van me, ik vermoed geld. De aanraking maakte me woedend, dus ik begon in onvervalst Hollands tekeer te gaan tegen hem. Gelukkig kwam de man die je hierboven ziet me te hulp, hij verjoeg de bedelaar door een dreigende zwiep met zijn schep. Ik spoedde me haastig naar mijn groepsgenoten.
Pas daar viel het kwartje bij mij.
In de bus had ik het boek gelezen 'Eerst doodden ze me mijn vader' over de gruwelijkheden van de Rode Khmer en Pol Pot. Een boek dat je niet met droge ogen kunt lezen. Maar het was een verhaal van de vorige eeuw, van lang geleden.
Nu pas besefte ik: 1979 is nog niet zo lang geleden. Iedereen die boven de veertig is, echt iedereen, is in dit land een overlever. Die heeft tot stervens toe honger geleden, heeft de helft van zijn of haar familie, vaak ook nog voor zijn ogen, zien vermoorden op de meest gruwelijke manier. Of heeft die moorden in opdracht gepleegd. Achttienjarige jongens werden ingezet om kinderen dood te slaan tegen een boom. Je kunt je daar geen voorstelling van maken. Als ze begonnen te haperen of emotie vertoonden kregen ze zelf de genadeklap en werd er een nieuw blik kinderen opengetrokken die moesten moorden. Mensen zouden van minder krankzinnig worden! Het mag nog een wonder heten dat het merendeel van de Cambodjanen wel normaal functioneert en een bestaan heeft opgebouwd. Deze man is het blijkbaar niet gelukt.
En dat snapte ik ineens heel goed.
En waar waren wij toen dat gebeurde? Het was ver weg en we keken weg. Ook ik keek weg, want even terugrekenend, lag ik toen in de clinch met de opstandige pubers die ik als 22-jarige probeerde te temmen tijdens mijn eerste (mislukte) onderwijsbaan. Ik had geen oog en geen tijd voor verwegproblemen.
En nu keek ik weer weg.
Nu had ik geen excuus.

De volgende dag bezocht ik de Killing Fields. Met een koptelefoon op hoorde ik wat daar gebeurde in die tijd. En hoorde ik verhalen van overlevers en nabestaanden. Over de haat, de woede, de vergeving, de moeilijkheden om weer een normaal leven te gaan leiden.
Achter op het terrein lag een vijver met idyllische lelies. Je kon daar achterdoor wandelen en op een van de bankjes rustig naar de verhalen luisteren en proberen een beetje jezelf weer bij elkaar te rapen.



En daar, aan het hek, kwam ik de tweede bedelaar tegen. Een erg oude man, hoewel je je daar ook in kunt vergissen als iemand zwaar geleden heeft. Een onderbeen ontbrak, waarschijnlijk was hij na het overleven van de horrorjaren alsnog op een mijn gestapt die hem bijna zijn leven kostte. Was hij al tijdens het bewind van de Rode Khmer gewond geraakt dan hadden ze hem zeker als nutteloos wezen gedood. Met zijn anderhalve been en een soort houten kruk was hij de steile helling op geklauterd en daar hing hij zich nu met zijn ene hand vast te houden aan het hek, terwijl hij zijn andere hand smekend door het gaas duwde met een pet in zijn hand.
Totaal in beslag genomen door de afschuwelijke verhalen op mijn koptelefoon liep ik hem in eerste instantie zomaar voorbij. Tot ik op een bankje in de zon ging zitten, het verhaal afgelopen was en ik me realiseerde: Huh? Wat zag ik nou? Snel liep ik terug om hem de laatste Riels te geven die ik nog in mijn zak had. Als er iemand recht heeft op steun dan zijn het wel de Cambodjaanse bedelaars. Zoveel werd me wel duidelijk deze vakantie.

Laos/Cambodja 3 - De was

Mocht je in deze landen geen schoon setje kleren voor elke dag meegenomen hebben (wat sowieso verstandiger is: travel light when the weather is warm) dan kun je overal je was laten doen. In de hotels, maar ook overal op straat in de stadjes. Per kilo was betaal je een luttel bedrag en aan het einde van de dag ligt de was lentefris op je te wachten bij de receptie. Je loopt dan wel het risico als je het plaatsje bezichtigt dat je plots in een steegje heel bekende onderbroeken of T-shirts ziet wapperen. Aan hangertjes, want vaak doen ze niet aan waslijnen.
Zelf waste ik de twee jurken die ik bezat gewoon 's avonds even in de wasbak met een beetje shampoo. Gaat perfect. In de ochtend trek je de jurk weer droog aan. Maar het is wel slecht voor het verdienmodel van deze arme mensen natuurlijk.
Een paar wasplaatjes voor jullie. De was op het water wordt gewoon in de Mekong gewassen. Ik heb niet geroken of hij lentefris was of naar bloemige weiden rook. Gezien het afvalbeleid in deze landen vrees ik het ergste.
O ja, als de machine kapot is omdat er geen deksel meer op zit, kan hij nog uitstekend dienst doen. Gewoon zorgen dat je handen er niet in vermalen worden, dat is alles.






Laos/Cambodja 2 - Slapen

Nooit zag ik in landen mensen zo onbekommerd in het openbaar slapen zoals in deze twee landen. Het is er warm overdag, mensen zijn sowieso nogal 'Zen', dus je dommelt zo weg.
Kinderen moeten met hun moeders mee naar de verkoopkraampjes, er hangt altijd wel ergens een hangmat klaar als je moe bent, bedden staan inclusief televisie vaak midden in het restaurant omdat dit tevens woonkamer is. In de tuktukjes hangt een hangmat, zodat de driver even een dutje kan doen als hij op toeristen wacht.
Er zijn legio redenen waarom je gewoon beter even slaapt als je moe bent of er even geen handel is.
Je hoeft als je slaapt niet op je handel te letten, dat doet een buurvrouw wel. Er wordt trouwens toch zelden iets gestolen.










Laos/Cambodja 1 - Fabeltastische landen

Eind december 2018-begin januari 2019 bezocht ik Laos en Cambodja (en anderhalve dag Thailand om in Noord-Laos te geraken). Deze landen en vooral de fantastische mensen die met zo weinig hun leven zo veel kleur kunnen geven en weten te overleven hebben me diep in mijn hart geraakt. In deze blogs lukraak wat fijne/mooie/verschrikkelijke/opmerkelijke dingen die ik daar meemaakte.
In de rechterbalk kun je als keuze Laos/Cambodja ingeven om een overzicht te krijgen van alle blogs over deze landen.
Ik hoop dat ik je een beetje kan laten meegenieten van deze schitterende landen.